Copyright © Henk Filippo 2015. Ontwerp en webdesign Henk Filippo | All rights reserved

Achtergrondinformatie Noorwegen


Noorwegen heeft onbeperkte mogelijkheden voor wandelen, klimmen en het maken van meerdaagse trektochten. In de Noorse bergen is een uitgebreid netwerk van wandelpaden en berghutten, maar gemakkelijke paden zoals u in Nederland gewend bent zult u er echter weinig tegenkomen. Door reliëf, rotsige ondergrond, drassige gebieden en dichte bossen vallen de wandelpaden in Noorwegen in de categorie ‘bergpaden’. Wandelen kan men in Noorwegen van juni tot eind september. Van november tot april ligt er in de bergen sneeuw.

Veel informatie over Noorwegen, inclusief 25 wandeltips, staan beschreven in het Reishandboek Noorwegen van auteurs Henk Filippo en Elio Pelzers.


Den Norske Turistforening - DNT

De Noorse wandelvereniging Den Norske Turistforing (DNT) werd in 1868 opgericht en groeide uit tot de grootste wandelorganisatie van Noorwegen met 200.000 leden en vele lokale afdelingen.

Kenmerk van de DNT is de rode ‘T’, die u overal in de bergen tegenkomt als markering op rotsen en steenmannen. De DNT zorgt voor de markering van 20.000 km wandelpaden en beheert 460 berghutten verspreid over heel Noorwegen.

Er zijn 3 soorten DNT hutten: bemande hutten (waar voor u wordt gekookt), kleine onbemande hutten met zelfbediening (met levensmiddelenvoorraad) en onbemande hutten zonder voorraden (vooral in Noord-Noorwegen). De DNT en haar zusterclubs hebben in Noord-Noorwegen alleen onbemande hutten (zonder etensvoorraad).

Voor de onbemande hutten heeft men een sleutel (standartnøkkel) nodig die op alle hutten past. Deze sleutel is aan te vragen als lid wordt van de DNT. Het lidmaatschap van de DNT geeft u aanzienlijke korting op overnachtingen in hutten. Als lid ontvangt u uitgebreide informatie over wandelroutes, huttentochten, wandeltips en adviezen, en kunt u zich extra abonneren op het tijdschrift Fjell og Vidde. Het DNT kantoor in Oslo is open voor publiek en de website van de DNT geeft uitgebreide informatie over wandelroutes en hutten. Op de website UT.no kan men detailkaartjes en routes van de belangrijkste berggebieden bekijken.


Mythische bergen langs de kust van Helgeland

De ‘Helgelandskyst’ is een ondergewaardeerd gebied en begint pas de laatste jaren meer in trek te raken bij toeristen. Dit gebied in de provincie Nordland tussen Trondheim en Bodø kan zich wat schoonheid betreft meten met de veel bekendere Lofoten en Vesterålen, maar heeft als voordeel dat het er een stuk stiller is.

We weten natuurlijk wel dat de steile en spitse bergen langs de Noorse kust zijn ontstaan door bewegingen van de aardkorst en de eroderende kracht van de gletsjers uit de ijstijden. Maar het is verleidelijk om te geloven wat de Noorse sagen en legenden vertellen over trollen, koningen en prinsessen die bij zonsopkomst versteenden tot de meest fantastische bergen.


Wandeltip 1 Torghatten

Bij de levendige vissershaven Brønnøysund ligt de hoedvormige berg Torghatten met zijn merkwaardige gat. Vele eeuwen een duidelijk herkenningspunt voor schepen die langs de kust varen. De tunnel dwars door de berg is 160 m diep, 35 m hoog en 20 m breed, en is ontstaan door erosie van de zee. Het zou groot genoeg zijn voor een schip om er doorheen te varen, ware het niet dat het zich nu hoog boven zee bevindt.


Bekijk hier de video over het gat van Torghatten (2:36 min):

Volgens de legende is het gat veroorzaakt door de pijl van een trol: “Op een avond zag de trol Hestmannen (de ruiter) vanaf een berg op de Lofoten de knappe Lekamøya en haar zeven zusters baden in zee bij Landego. Vol verlangen joeg hij achter de verleidelijke Lekamøya aan. Samen met haar zusters vluchtte zij naar het zuiden. De zeven zusters hielden het vluchten niet lang vol en stortten zich bij Alstahaug op de grond, maar Lekamøya was Hestmannen te snel af. Toen de trol zich realiseerde dat hij het meisje niet te pakken kon krijgen schoot hij met zijn boog een pijl op haar af. Maar de trollenkoning van Sømna gooide zijn hoed in het pad van de pijl en redde zo het meisje. De pijl doorboorde de hoed, die als berg in zee viel. Juist op dat moment kwam de zon op en versteenden alle trollen: Lekamøya als het eiland Leka, de hoed werd Torghatten, de Zeven Zusters een rij bergen, koning Sømna en Hestmannen als eenzame bergen voor de kust.“


Vanaf de voet van de Torghatten is het een half uur klimmen over een steil pad naar het gat, dat indrukwekkend groot blijkt. Voor ervaren bergwandelaars gaat er vanaf de parkeerplaats ook een pad linksom over de rotsen naar de top van Torghatten, een veel beklommen piek op de Noorse Fjelltrimmen-lijstjes (1,5 uur; kettingen vergemakkelijken de steilste passages).

Voor een beschrijving van de klim naar de top zie: www.westcoastpeaks.com.


Wandeltip 2 de Zeven Zusters (Suv Søstre)

Op het eiland Alsten ligt het stadje Sandnessjøen, waar de Hurtigrute en de snelferry uit Bodø aanleggen. Dwars over het eiland strekt zich de bergketen Suv Søstre uit, zeven spitse bergen tussen 910 en 1072 m hoog.

Ervaren bergwandelaars kunnen de rotsachtige en met rode “T” gemarkeerde routes volgen (de Noren noemen het wandelpaden!) naar elk van de zeven bergtoppen. Op ieder top is een boek waar bezoekers hun naam kunnen vermelden. Wie alle zeven pieken heeft beklommen kan bij het Tourist Office van Sandnessjøen een certificaat ophalen. Normale wandelaars hebben er 1 of 2 lange dagen voor nodig. Er is geen tijdslimiet, maar het record voor de overschrijding van alle Zeven Zusters ligt onder de 4 uur!


Wandeltip 3 Halls' toppen, Stetind

Weg E827 vanaf Kjøpsvik richting de E6 is aangelegd met 4 lange tunnels door en langs een van de meest spectaculaire bergen van Noord-Noorwegen: de 1392 m hoge Stetind. Deze berg werd in 2002 door de leden van de DNT (Den Norske Turistførening) verkozen tot nationale berg van Noorwegen. Niet zonder reden, want deze perfecte monoliet van graniet, ook wel de Matterhorn van Noorwegen genoemd, rijst vrijwel direct uit de fjord omhoog. De scherpe vorm van Stetind is het gevolg van de duizenden jaren durende schurende en polijstende werking van het gletsjerijs, tot een waar kunstwerk van graniet overbleef. Stetind was al in de tijd van de Vikingen een belangrijk baken voor zeevarenden langs de kust van Noord-Noorwegen, en een object voor tal van sagen en legenden. De Noorse schilder Peder Andersen Balke schilderde in 1864 een indrukwekkend portret van deze woeste berg. Zijn beroemde schilderij 'Stetind in de mist' hangt in Oslo's Nasjonalgaleriet, en siert vanaf 2004 een Noorse postzegel.


De Brit Slingsby, die het rotsklimmen in Noorwegen introduceerde, noemde Stetind 'de lelijkste berg die ik ooit heb gezien'. Maar dit had waarschijnlijk meer te maken met het feit dat het Slingsby niet was gelukt om de top te bereiken. Stetind werd in 1910 voor het eerst beklommen door Schelderup, Bryn en Rubenson, het team dat ook de bekende Svolværgeita op de Lofoten had beklommen. De oostroute van de eerstbeklimmers wordt tegenwoordig veel beklommen (1 lengte 4+).


Eerder, in 1888, had de Deen Carl Hall, al de tweehonderd meter lagere voortop bereikt; het punt tot waar ook de ervaren bergwandelaar kan komen (zonder klimmateriaal nodig te hebben). Een klim tot Halls' voortop is een geweldige ervaring, met panoramisch uitzicht rondom.

Stetind trekt klimmers uit vele landen, maar ook de Noorse Kroonprins Harald beklom in 1992 de berg.

Alleen bergwandelaars met enige alpiene ervaring een goed gevoel voor routezoeken kunnen schuin omhoog verder klimmen (steenmannetjes en vage paadjes) over blokkenhellingen, sneeuwveldjes en rotsplaten naar 'Halls' top, een brede voortop van de Stetind (1,5 uur verder). Vanaf deze voortop op 1200 m hoogte is het uitzicht naar alle kanten grandioos. Voor de wandelaar houdt het daar echt op, en kun je rotsklimmers die over de smalle graat verder klimmen naar de top van de Stetind goed observeren.